Instroom vanuit onderwijs naar transport en logistiek

BBL-studenten in magazijn, met geïllustreerde smileys eromheen

Bijna de helft van de instromers in de sector uit het onderwijs komen uit het mbo. Een belangrijke groep voor de instroom uit het mbo zijn BBL-studenten. BBL’ers volgen het merendeel van hun opleiding in een leerbedrijf. Bijna een derde van de bedrijven in de sector is erkend leerbedrijf. 

Na het voltooien van hun opleiding gaan de meeste BBL’ers chauffeur wegvervoer duurzaam aan de slag in de sector. De instroom in de sector vanuit BBL zal de komende jaren naar verwachting dalen. Vooral door demografische ontwikkelingen (minder jongeren).

Meeste instroom vanuit mbo-opleidingen

De meeste instromers in de sector transport en logistiek uit het onderwijs zijn afkomstig uit het mbo (47%). Ook stroomt 40% in vanuit het voortgezet onderwijs. Hbo en wo zijn samen goed voor ruim 12%.

Instroom in de sector uit het onderwijs 2024 (naar afgeronde vooropleiding vo, mbo, ho en wo)

Illustratie van vier gekleurde stromen die samenkomen in een doos met het opschrift 'Transport & Logistiek 2024'. Mbo is de grootste instroom (47%), gevolgd door voortgezet onderwijs (41%). Hbo (8%) en wo (5%) hebben een kleinere instroom.

Bron: CBS/ABF Research, 2024, bewerking STL

Aantal studenten chauffeur wegvervoer en logistiek medewerker daalt

Mbo-opleidingen kunnen op 2 manieren (leerwegen) worden gevolgd: BOL en BBL. BBL-studenten (beroepsbegeleidende leerweg) gaan één dag per week naar een ROC of Vakschool en doen de rest van de week betaald werk bij een leerbedrijf in hun regio. BOL-studenten (beroepsopleidende leerweg) volgen juist het overgrote deel van hun opleiding op school en doen praktijkervaring op tijdens stages op een leerbedrijf.

De figuur geeft de ontwikkeling weer van het aantal studenten aan een mbo-opleiding transport en logistiek. De opleiding chauffeur wegvervoer is een BBL-opleiding. In schooljaar (2024-2025) volgden 1.482 studenten een opleiding chauffeur wegvervoer. Dit aantal nam af ten opzichte van het jaar ervoor (-2,3%). 

In schooljaar 2017-2018 lag het aantal studenten aan de opleiding chauffeur wegvervoer op een hoger niveau. BBL-opleidingen profiteerden in die periode van de verbeterde economische situatie.

Van de mbo-opleiding logistiek medewerker bestaat zowel een BBL- als een BOL-variant. Het studentenaantal aan deze opleiding neemt sinds het schooljaar 2022-2023 af. In 2024-2025 zijn er ongeveer 2.100 studenten aan de opleiding logistiek medewerker (-3,4% ten opzichte van het schooljaar daarvoor). 

Het aantal studenten aan andere mbo-opleidingen transport en logistiek loopt ook terug.

Aantal studenten mbo transport en logistiek

Lijndiagram met de titel 'Aantal studenten mbo transport en logistiek – Nederland'. De Y-as loopt van 1.000 tot 3.500 studenten, de X-as toont schooljaren van 2017-'18 tot 2024-'25. Drie opleidingen worden gevolgd. Logistiek medewerker (BOL/BBL) is de grootste opleiding: stabiel rond 2.700 tot 2021-'22, daarna een daling naar circa 2.100 in 2024-'25. Chauffeur goederen/wegvervoer (BBL) daalt geleidelijk van circa 1.875 naar circa 1.450. Logistiek supervisor (BOL/BBL) stijgt licht tot 2020-'21 (circa 1.600) en daalt daarna naar circa 1.200. Bron: DUO/SBB/UWV, bewerking STL.

Redenen voor opleiden van BBL’ers in bedrijf

Bijna drie op de tien bedrijven in sector is erkend leerbedrijf. 11% hiervan zijn leerbedrijven met BBL-studenten in dienst. In deze bedrijven werken BBL-studenten naast het volgen van hun opleiding. 17% is leerbedrijf zonder BBL-studenten (op het moment van meten). 

De belangrijkste redenen die werkgevers in de sector transport en logistiek noemen voor het opleiden van BBL-studenten in hun bedrijf zijn: doormiddel van BBL’ers nieuwe medewerkers vinden (79%) en jongeren een kans geven praktijkervaring op te doen (39%).

Het vinden van nieuwe medewerkers via BBL wordt steeds vaker genoemd als belangrijkste reden.

Redenen werkgevers voor opleiden van BBL’ers in bedrijf (meerdere antwoorden mogelijk)

Horizontaal staafdiagram met de titel 'Redenen werkgevers voor opleiden van BBL'ers in bedrijf' (meerdere antwoorden mogelijk). Vergelijking tussen 2020, 2022 en 2025. De meest genoemde reden is het binnenhalen van nieuwe medewerkers via BBL: 63% in 2020, 75% in 2022 en 79% in 2025 – een duidelijk stijgende trend. De tweede reden, jongeren praktijkervaring bieden, daalt juist: van 53% in 2020 naar 39% in 2025. Overige redenen zoals aansluiting beroepsonderwijs op de praktijk (12%/7%) en nieuwe kennis opdoen voor de organisatie (9%) scoren lager en ontbreken deels in 2025. Bron: Bedrijfsenquête STL 2020-2025.

Arbeidsmarktpositie na uitstroom BBL-opleiding

STL begeleidt studenten bij het vinden van een leerwerkplek en tijdens het BBL-traject. Elk jaar onderzoekt STL de arbeidsmarktpositie van begeleide BBL’ers, met en zonder diploma. BBL’ers in transport en logistiek kunnen een BBL-opleiding volgen via STL De meeste studenten die chauffeur willen worden, doen dit ook. STL begeleidt studenten zowel bij het vinden van een leerwerkplek als tijdens het BBL-traject zelf.

Elk jaar onderzoekt STL de arbeidsmarktpositie van de begeleide BBL’ers, met en zonder diploma. Een vergelijking tussen wel en niet door STL begeleidde BBL-studenten is hierbij mogelijk.

Meer dan negen op de tien BBL’ers transport en logistiek heeft na diplomering een baan. BBL-studenten begeleid door STL hebben wel vaker een baan. Na 2,5 jaar heeft 96% van de BBL’ers STL werk, tegenover 92% van de BBL’ers niet begeleid door STL.  5,5 jaar na slagen zijn deze percentages nog vergelijkbaar.

Arbeidsmarktpositie gediplomeerde BBL-studenten transport en logistiek naar sector (X-aantal jaar na slagen opleiding) *

Horizontaal gegroepeerd staafdiagram dat toont in welke sector oud-studenten terechtkomen, uitgesplitst naar niet gedetacheerd door STL en wel gedetacheerd door STL. Per categorie zijn meerdere balken zichtbaar voor 1,5 tot 5,5 jaar na afstuderen. De sector transport en logistiek (inclusief SOOB) laat de langste balken zien: 30% bij niet-gedetacheerden en 60% bij wel-gedetacheerden werkt na 5,5 jaar nog in de sector. Bij SOOB-bedrijven zijn de percentages 22% respectievelijk 52%. In andere sectoren zoals groothandel (25%/12%), overig (14%/9%) en industrie (12%/7%) zijn de percentages aanzienlijk lager.

BBL-studenten begeleid door STL  werken veel vaker in transport en logistiek. 2,5 jaar na diplomering werkt 61% in transport en logistiek, waarvan 56% in een SOOB-bedrijf. In de jaren daarna daalt dit aandeel licht. Het aandeel dat werkzaam is in groot- en detailhandel, industrie en overige sectoren loopt dan wat op.

BBL-studenten die niet via STL zijn begeleid, werken minder vaak in transport en logistiek. Zij komen vaker terecht in andere sectoren. Ook hebben zij vaker een uitkering of geen werk of ‘geen werk of uitkering’.

Jong talent opleiden in de sector transport en logistiek

Ben je werkgever en heb je leerwerkplek in jouw bedrijf? Dan kom je tevens in aanmerking voor subsidie voor elke gecreëerde leerwerkplek. 

Ik wil een erkend leerbedrijf worden!

Volledig rapport

Ons uitgebreide rapportage lezen over instroom van studenten binnen de sector? Klik dan hieronder.

____________________________

Publicatiedatum: januari 2026