Robert’s Rubriek: mbo kan niet zonder logistieke beroepspraktijk

Innovatiemanager Robert Gartner

In Robert’s Rubriek deelt Robert Gartner, Innovatiemanager bij Sectorinstituut Transport en Logistiek (STL), elke maand wat hem opvalt in transport en logistiek. Wat speelt er bij werkgevers? Welke ontwikkelingen vragen aandacht? En hoe kan STL bedrijven helpen om hiermee aan de slag te gaan? Praktisch, actueel en herkenbaar. Dit keer vertelt hij over de aansluiting van mbo-onderwijs op de praktijk. En daarbij heeft hij jullie hulp nodig.

Het mbo als kweekvijver voor onze sector

Wie kijkt naar de toekomst van transport en logistiek, komt al snel uit bij het mbo. Voor onze sector is het mbo één van de belangrijkste kweekvijvers voor nieuw personeel. Hier maken jongeren kennis met het vak. Hier leren zij de basis. En hier ontstaat vaak hun eerste beeld van werken in transport en logistiek. Daarom vind ik het belangrijk dat het mbo goed aansluit op de praktijk. Studenten moeten leren wat bedrijven nu nodig hebben. Niet alleen wat jaren geleden belangrijk was, maar ook wat vandaag en morgen speelt. Dat gaat bijvoorbeeld over nieuwe technologie. Over andere manieren van werken. Over veiligheid, duurzaamheid en digitalisering. Maar ook over de wensen van nieuwe werknemers. Wat verwachten zij van werk? Hoe leren zij? En wat hebben zij nodig om goed te starten in onze sector?

Bedrijven veranderen sneller dan het onderwijs

In mijn werk hoor ik vaak dat werkgevers vinden dat het onderwijs niet altijd goed aansluit op de dagelijkse praktijk. Dat begrijp ik. Bedrijven veranderen snel. Nieuwe systemen, nieuwe voertuigen, nieuwe werkwijzen en andere klantvragen volgen elkaar snel op.

Het onderwijs beweegt ook mee, maar kan dat tempo niet altijd bijhouden. Dat is niet vreemd. Opleidingen werken met vaste kwalificatiedossiers. Daarin staat wat een student moet kennen en kunnen om een diploma te halen.

Die dossiers worden niet zomaar aangepast. Dat gebeurt zorgvuldig. En dat moet ook, want het gaat om de basis van het onderwijs. Maar juist daarom is de stem van het bedrijfsleven zo belangrijk.

Robert Gartner over innovaties en ontwikkelingen in transport en logistiek

Wat moet een vakman straks kunnen?

Bij STL kijken we naar ontwikkelingen in de sector. Als innovatiemanager volg ik wat er verandert. Die ontwikkelingen vertalen we samen met de sector naar beroepscompetentieprofielen. Dat klinkt misschien technisch, maar het idee is simpel. In zo’n profiel staat wat een ervaren professional in onze sector moet kennen en kunnen. Denk aan iemand met ongeveer vijf jaar werkervaring.

Deze profielen helpen om scherp te krijgen welke kennis en vaardigheden belangrijk zijn. Ze vormen ook input voor de werkgroepen en voor SBB. SBB staat voor Stichting Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven. Deze organisatie is verantwoordelijk voor de kwalificatiestructuur in het mbo. Met andere woorden: wat werkgevers aangeven, kan invloed hebben op wat studenten straks leren.

De praktijk moet aan tafel zitten

Toch merk ik dat er weinig animo is vanuit het logistieke bedrijfsleven om mee te doen in werkgroepen. Dat vind ik jammer. Want juist daar kun je als bedrijf meepraten over de inhoud van opleidingen.

Dat geldt niet alleen voor grote bedrijven. Ook kleinere bedrijven hebben hier iets te brengen. Misschien juist wel. Zij staan vaak dicht op de dagelijkse praktijk. Zij weten precies waar jonge logistieke medewerkers tegenaan lopen. Ze zien welke kennis ontbreekt. En ze weten welke vaardigheden iemand echt nodig heeft op de werkvloer. Die kennis is waardevol. Voor scholen, voor studenten en voor de hele sector.

Meedenken kost minder tijd dan je denkt

Werkgevers denken misschien dat meedoen veel tijd kost. Maar dat hoeft niet zo te zijn. Input leveren aan werkgroepen kost vaak maar een paar uur per jaar. De logistieke kwalificatiedossiers worden binnenkort weer geactualiseerd. Dat traject loopt vanaf september of oktober dit jaar tot en met het derde kwartaal van volgend jaar. Dit is dus een goed moment om mee te denken.

Omdat SBB merkt dat er weinig animo is vanuit het bedrijfsleven, wordt er ook gekeken naar een andere vorm. Bedrijven kunnen bijvoorbeeld experts uit de sector aandragen. Deze experts hoeven niet bij elke werkgroep aanwezig te zijn. Ze kunnen wel worden geraadpleegd als hun kennis nodig is. Zo kun je toch bijdragen, zonder dat het veel tijd vraagt.

Laat je stem horen

Mijn boodschap aan werkgevers is daarom helder: laat je stem horen. Het onderwijs kan niet zonder het bedrijfsleven. Als bedrijven niet aangeven wat zij nodig hebben, wordt het lastig om opleidingen goed te laten aansluiten op de praktijk. Dan groeit de kloof tussen school en werk. Dat is zonde voor studenten, voor werkgevers en voor de sector.

Herken je dit? En weet je als geen ander hoe het eraan toe gaat in de praktijk? En wil je meedenken over de toekomst van het mbo in transport en logistiek? Neem dan contact met mij op. Ik deel graag meer informatie, kan je direct aanmelden of we kunnen eerst even sparren. Want goed onderwijs begint niet alleen in de klas. Het begint ook bij werkgevers die vertellen wat er in de praktijk nodig is.